Katten zijn geen vegetariërs!

Een artikel in de Nederlandse Volkskrant stond dit artikel en een Nederlandse collega Minky Spijkerman maakte er ons attent op. Het is gewoon schandalig dat mensen hun katten gaan behandelen als mensen en hen vlees ontberen. Katten zijn carnivoren en geen vlees zal leiden tot een langzame pijnlijke dood van die dieren. Eerst en vooral: Veganistische voeding is zowel voor hond als kat af te raden.

Bij honden zou je nog kunnen stellen dat ze niet teveel vlees moeten eten omdat, teveel eiwitten, op termijn kunnen leiden tot nierziekten. Soms gaat men aan kieskeurige honden wel eens kattenvoer geven maar dat mag niet blijven aanhouden.

Hunting_cat
Kat op de uitkijk tussen het groen…

Katten hebben namelijk behoefte aan veel hoogwaardige dierlijke eiwitten die vooral in spiervlees voorkomen. De evolutie heeft er dan ook voor gezorgd dat de anatomie en de stofwisseling van de kat ingesteld is op het eten van spiervlees. Een kat heeft zeer specifieke voedingsbehoeften waardoor voedingstekorten of een overmaat aan bepaalde voedingsstoffen bij de kat sneller tot problemen leidt.

Hondenvoeding is om die reden dan ook absoluut ongeschikt voor katten. Een voeding met een goede kwaliteit heeft een hoge verteerbaarheid. De hoeveelheid geproduceerde ontlasting is een goede indicatie van de voedingskwaliteit. Algemeen kan gesteld worden dat de kwaliteit van de voeding beter is wanneer de kat minder en stevigere ontlasting produceert.

Hoewel men op diverse vegan sites “AMI CAT” als alternatief voor katten voorziet, zijn hier nog te weinig of geen wetenschappelijke onderzoeken naar gedaan en vinden wij het te vroeg om dit goed te keuren

Centrale databank voor katten …

Vraag om uitleg over de centrale databank voor katten van Gwenny De Vroe aan minister Ben Weyts

Vraag om uitleg over het ontbreken van een centrale databank voor katten van Tinne Rombouts aan minister Ben Weyts

Vraag om uitleg over de verplichte registratie van katten van Hermes Sanctorum-Vandevoorde aan minister Ben Weyts

Vraag om uitleg over nieuwe databanken voor de identificatie en registratie van honden en katten van Sabine Vermeulen aan minister Ben Weyts

De voorzitter

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Gwenny De Vroe (Open Vld)Minister, in het Radio 2-programma ‘De Inspecteur’ hebt u uw ongenoegen laten blijken over het uitblijven van een advies van de Privacycommissie over de centrale databank waarin alle gegevens van gechipte en geregistreerde katten moeten worden verzameld.

U bestempelde de maatregel als een flop en zit blijkbaar verveeld met de situatie omdat u katteneigenaars mee aangespoord hebt om hun kat te laten chippen, met de bedoeling dat er vanaf 2016 een centrale databank in werking zou treden waar al die gegevens gecentraliseerd zouden worden.

De timing wordt doorkruist door het uitblijven van het advies van de Privacycommissie. Het cynische gevolg is dat katteneigenaars, dierenartsen en asielen die de voorbije jaren massaal gevolg hebben gegeven aan die verplichting, dreigen te moeten opdraaien voor de rekening. Het zit er immers aan te komen dat alle eigenaars van een gechipte kat een nieuwe afspraak bij de dierenarts zullen moeten maken om daar het huiswerk nog eens over te doen. In antwoord op mijn schriftelijke vraag nr. 1085 van 4 april 2017 antwoordde u nog dat er met verschillende bestaande databanken bekeken zou worden op welke manier hun gegevens zouden kunnen worden overgenomen. U voegde er nog aan toe dat waar dit niet mogelijk is, u ervan zou uitgaan dat de gegevens bewaard en consulteerbaar zouden blijven.

Minister, hebt u al contact gehad met de Privacycommissie om u te informeren over de reden van het uitblijven van een advies over die databank? Zo ja, wat is de oorzaak van de vertraging? Zo neen, zult u de Privacycommissie hierover nog bevragen? Hoeveel katten zijn er momenteel al gechipt en geregistreerd? Is er ondanks het uitblijven van een uniforme databank een meerwaarde aan die inspanningen? Kunnen de gegevens van reeds gechipte katten worden geïntegreerd in de beoogde centrale databank? Zo neen, waarom niet? Zo ja, zal er worden uitgezocht om de reeds bestaande gegevens van gechipte katten kosteloos voor de eigenaars van de dieren te integreren in de centrale databank? Hoeveel dreigt de extra kost voor eigenaars van reeds gechipte katten te zijn indien deze mensen genoodzaakt worden om naar de dierenarts te gaan om hun kat te laten registreren? Wat zal er gebeuren indien mensen met een reeds gechipte kat weigeren om dat nog eens te laten doen voor de centrale databank?

Tinne Rombouts (CD&V)Minister, ik sluit me graag aan bij de inleiding van collega De Vroe. Het is niet de eerste keer dat wij hier spreken over de centrale databank voor katten. Het is een thema dat u al bezighoudt vanaf het begin van uw bevoegdheid en uw intrede als minister. U hebt vanaf het begin duidelijk de boodschap uitgedrukt dat u graag zou hebben dat eigenaars van katten zouden overgaan tot het chippen van de katten. Ik herhaal wat u in oktober aangaf. U uitte terecht duidelijk uw bezorgdheid: ‘Tot op vandaag houdt geen kat de identificatie en registratie van katten bij.’

In de pers van afgelopen weken lazen we dan weer over een kat-en-muisspel tussen de minister enerzijds en de Privacycommissie anderzijds. U zei dat u wacht op een goedkeuring van de Privacycommissie. De Privacycommissie zegt dat ze tot eind augustus moest wachten tot ze alle gegevens van uw kabinet had ontvangen om de aanvraag te kunnen beoordelen.

Bovendien dragen al heel wat katten een chip en worden hun baasjes ongerust omdat er onduidelijkheid bestaat of de gegevens van die chips in niet-officiële databanken gerecupereerd kunnen worden of dat de katten opnieuw gechipt moeten worden.

Tekstfragment nog niet beschikbaar. De voorzitter Tekstfragment nog niet beschikbaar.Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke) Tekstfragment nog niet beschikbaar.De voorzitter Tekstfragment nog niet beschikbaar. Sabine Vermeulen (N-VA)Tekstfragment nog niet beschikbaar. De voorzitter Tekstfragment nog niet beschikbaar. Minister Ben WeytsVoorzitter, om te beginnen, zal ik het over de bevoegdheid hebben. (Opmerkingen. Gelach)

Ik denk dan meer bepaald aan het probleem dat de toen nog bevoegde Federale Regering heeft besloten de verplichting tot registratie en chippen in te voeren, maar niet de consequente volgende stap te zetten om een databank op te richten en te erkennen. Om een of andere reden is dat gestaakt. (Opmerkingen)

Vanwege een of andere interne discussie is die stap niet gezet. Bijgevolg zijn we, in dit geval de drie gewesten, geconfronteerd met de overdracht van de bevoegdheid en de regelgeving. We hebben besloten gezamenlijk een databank in de markt te zetten en namens de drie gewesten een offerte uit te schrijven. Er is dan een discussie gevoerd over de desiderata waaraan de databank moet beantwoorden. We zijn daaruit geraakt en hebben vervolgens een marktbevraging georganiseerd en de databank toegewezen. Dit is gegund aan een firma, maar een andere firma die al een eigen databank heeft en naast de offerte heeft gegrepen, vond dat niet leuk. Daar voelen we de naweeën nu nog van.

Er is een probleem met de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Na de goedkeuring door de Vlaamse Regering en het advies van de Raad van State heb ik de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer al om een advies moeten vragen. Dat advies was, net als het advies van de Raad van State, positief. Aangezien het besluit ook voorziet in de registratie van het rijksregister moet de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer echter nog een specifieke machtiging verlenen zodra de commissie zicht heeft op het bedrijf dat de databank zal beheren. Dit betekent dat de machtigingsaanvraag pas kan worden ingediend na de afronding van de procedure voor de toewijzing van het beheer van de databank.

De kandidaat die niet is geselecteerd, heeft beroep aangetekend tegen de toewijzingsbeslissing voor de databank. In januari 2017 is dat beroep verworpen. Er zijn geen andere juridische procedures geweest.

Het Vlaamse Gewest heeft de machtigingsaanvraag voor de drie gewesten bij de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer ingediend. Dat is een technische zaak, waarvoor onder meer ook bij de dienstverlener heel wat gegevens moeten worden verzameld. De aanvraag is rond 1 april 2017 ingediend. Sindsdien heeft de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer verschillende vragen gesteld, die steeds zo snel mogelijk zijn beantwoord. Het laatste contact was een out-of-officemelding op 20 juli 2017. Gelukkig heeft de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer na de aandacht in de media op 11 september 2017 zelf weer contact opgenomen. Er zijn nog bijkomende vragen gesteld, die momenteel worden beantwoord. De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer heeft laten weten dat de aanvraag na de ontvangst van die antwoorden zal worden geagendeerd. Er is licht aan het einde van de tunnel.

Zolang de centrale databank niet operationeel is, betekent de registratie enkel dat de gegevens van de kat en van de eigenaar ergens worden genoteerd. Sommigen zijn in dat gat gesprongen zonder dat enige offerte of erkenning had plaatsgevonden. Ze hebben zich voorgedaan als de databank bij wie mensen hun dieren moesten registreren. Dat kan een vrij consulteerbare private databank zijn, maar we hebben vastgesteld dat het ook om de administratie of de computer van een dierenarts kan gaan. Een dierenarts kan mensen vertellen dat ze hun dieren bij hem kunnen registreren. Lang voor de verplichting is ingevoerd, werd dat al door dierenartsen en anderen gedaan. Hierdoor is het onmogelijk te zeggen hoeveel katten al zijn gechipt of geregistreerd. Het gaat immers om verschillende private initiatieven.

Het is niet zomaar mogelijk op een bestaand systeem voort te bouwen. De structuur van een databank is op zich immers eigendom van de persoon die de databank heeft ontworpen. We lopen het risico onmiddellijk al een aantal handicaps in te bouwen. Om die reden zijn we op zoek gegaan naar het meest efficiënte systeem dat de grootste kwaliteit biedt inzake de kwaliteit van de gegevens en het vermijden van fraude.

Vanwege de accuratesse hebben we vooropgesteld dat we met de elektronische identiteitskaart zouden werken. Het volstaat dat een cijfertje verkeerd wordt ingevuld en een kat komt niet bij de eigenaar terecht. In de praktijk zijn al veel problemen vastgesteld met het manueel overschrijven van allerhande nummers. Aangezien er op die manier fouten in sluipen, hebben we geoordeeld dat we een volgende stap zouden zetten en dat we met de elektronische identiteitskaart zouden werken.

Dit garandeert dat geen fouten worden gemaakt. Het is tevens ook fraudebestendig. Het is niet mogelijk zomaar de gegevens van een kat te wijzigen. Bij het gebruik van gewillig papier ligt dat natuurlijk anders.

Dit systeem vereist wel dat het rijksregisternummer in de databank wordt opgenomen. De gegevens in de databank moeten ook exact overeenkomen met de gegevens op de elektronische identiteitskaart. Dit betekent dan weer dat de gegevens die eventueel van andere databanken worden overgenomen, aan andere eisen moeten voldoen. Dat is in concreto niet het geval.

We streven ernaar de bestaande gegevens zo maximaal mogelijk te gebruiken. Er zijn de gegevens in de private databank van de concurrentie die naast het contract heeft gegrepen. Volgens onze inschatting zijn de overgrote meerderheid van de katten hier geregistreerd. Die databank kan worden geconsulteerd. We zullen ervoor zorgen dat bij het opzoeken van een chipnummer ook in die databank wordt gezocht. Indien een kat verloren is gelopen, zullen we ervoor zorgen dat beide databanken worden geconsulteerd. Op dat vlak stelt zich geen probleem. Die katten zullen bij hun rechtmatige eigenaar terechtkomen.

Ik moet vermelden dat in het registratiesysteem van de concurrentie niet is voorzien in de opname van een rijksregisternummer. Op dat vlak is de databank niet compatibel. We zullen ervoor zorgen dat beide databanken kunnen worden geconsulteerd indien een kat verloren is gelopen.

Wat de registratie in de centrale databank betreft, heb ik gemerkt dat mensen zich zorgen maken. Ze denken dat ze na de eerste registratie in de databank van de concurrentie, de officieuze databank, opnieuw tot een registratie zullen worden verplicht. Dat is, voor alle duidelijkheid, niet waar. Dit geldt enkel voor katten die na de inwerkingtreding moeten worden geregistreerd. Voor de bestaande katten is dat niet nodig. Indien de eigenaar de gegevens in de databank nadien wil wijzigen omdat hij verhuist of omdat hij de kat weggeeft, geldt wel de verplichting in het nieuwe systeem in te treden. Dat kost 3 euro. Ik denk dan ook dat de volkswoede beperkt mag blijven. Indien een kat al is geregistreerd, is er geen probleem als ze wegloopt. Het zal mogelijk zijn de twee databanken te consulteren. Eigenaars zijn niet verplicht katten opnieuw te laten registreren. Dit geldt enkel voor nieuwe katten, tenzij de omstandigheden natuurlijk wijzigen. Indien een eigenaar zijn kat weggeeft of verkoopt of indien een eigenaar verhuist, moet sowieso een aanpassing worden doorgevoerd. Op dat ogenblik vragen we in te stappen in het nieuw systeem, dat veel fraudebestendiger en kwalitatief hoogstaander is.

De prijs is 3 euro. Het systeem is volledig zelfbedruipend en wordt door de dienstverlener geprefinancierd. Hij recupereert de kosten door de inning van de retributies die de katteneigenaars betalen. De kostprijs van de werking van de databank is de kostprijs in de offerte. Het gaat om 3 euro, met ongetwijfeld een kleine winstmarge, voor de registratie. De dienstverlener int de retributies zelf. Wij doen dat niet. Voor de Vlaamse overheid zijn er geen inkomsten, want er zijn ook geen uitgaven. Hoeveel personeel daarvoor nodig is, is een zaak van de dienstverlener. Hij moet dat zelf organiseren.

Naast een machtiging om het rijksregister te gebruiken voor de registratie van katten is eenzelfde machtiging aangevraagd voor de databank van honden. Dat is belangrijk omdat we op termijn naar dat systeem zouden willen overstappen. Bij het overschrijven van gegevens en dergelijke stellen we vast dat het eenvoudiger zou zijn hier ook met hetzelfde systeem te werken. Door de elektronische identiteitskaart en het rijksregisternummer te gebruiken, kunnen we fouten en fraude uitsluiten. Op dit ogenblik is dit voor honden niet in de regelgeving opgenomen. We onderzoeken de mogelijkheid om na te gaan welke aanpassingen we moeten doorvoeren. We hebben vastgesteld dat hiervoor technische aanpassingen nodig zijn. Dat zal enige tijd vergen. Het is evenwel de bedoeling voor honden die stap vooruit te zetten. We moeten zorgen voor een systeem dat het mogelijk maakt honden beter terug te vinden. Ik zeg niet dat dit systeem fouten zal uitsluiten, maar het zal het aantal fouten ernstig verminderen en het zal de fraudegevoeligheid ernstig aanpakken.

Tinne Rombouts (CD&V)Minister, ik dank u voor uw antwoord. Zeker wat de eventuele risico’s betreft, vind ik het nu een stuk helderder. Ik stel vast dat het pas sinds januari 2017 mogelijk was de adviesvraag te stellen. Eerst moest een toewijzing plaatsvinden, wat in april 2017 is gebeurd. Dan zijn nog wat bijkomende vragen gesteld. Het kost wat tijd voor u effectief een antwoord ontvangt.

Hoewel de kostprijs zeer beperkt is, is het natuurlijk spijtig dat bepaalde zaken onduidelijk zijn en dat burgers zich een beetje ongerust maken, maar u hebt de omstandigheden natuurlijk niet helemaal in de hand gehad. Indien we dit enigszins zouden kunnen vermijden, zou het natuurlijk nog beter zijn. Volgens mij hebt u met uw antwoord wat duidelijkheid gebracht.

De voorzitterDe heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)Minister, het is nu inderdaad een stuk helderder dan op basis van de optredens in de media het geval was. Eerlijk gezegd, vind ik het een vreemd verhaal. Uw verwijt ten aanzien van de vzw is me echter niet helemaal duidelijk. Volgens u is de vzw gewoon op zichzelf begonnen en heeft ze gedaan alsof haar databank de officiële was. Zo stelt u het bijna. Ik heb begrepen dat die vzw al sinds 1990 actief huisdieren registreert. Dat is een gebruik dat is gegroeid. Ik begrijp het verwijt dan ook niet goed.

Het is natuurlijk een verbetering dat mensen die thuis gewoon een kat hebben, dat dier niet opnieuw moeten laten registreren omdat een nieuwe databank wordt opgesteld. Dat is al goed nieuws. Alleen zullen natuurlijk nog altijd twee databanken naast elkaar blijven bestaan. De dieren die in het officieuze systeem zijn geregistreerd, worden niet in het nieuw systeem opgenomen. Ik neem aan dat het werken met de elektronische identiteitskaart een praktische belemmering vormt om het ene naar het andere over te brengen. Dat kan ik met mijn beperkte informaticakennis wel inschatten. Er zijn twee databanken. Ik neem aan dat de ene databank geleidelijk verouderd zal geraken en waarschijnlijk moeilijker raadpleegbaar zal worden. Dat lijkt me geen ideale situatie.

Eerlijk gezegd, is dit al een verbetering ten opzichte van het ogenblik waarop ik naar hier kwam.

De voorzitterMevrouw Vermeulen heeft het woord.

Sabine Vermeulen (N-VA)Dank u voor uw antwoord, minister.

Ik heb dezelfde bedenking als collega Sanctorum. Als ik het goed begrijp, komt er een overgangsmaatregel waarbij er twee of meer databanken naast elkaar zullen bestaan. Dat is volgens mij een overgangsmaatregel van ongeveer 15 jaar, de levensduur van een kat die nog maar net geregistreerd is in het oude systeem. Gezien de lage kostprijs zou ik ten zeerste willen aanmoedigen om de dierenartsen aan te sporen om elke patiënt die ze ontvangen, te registreren in het nieuwe systeem. Misschien kunt u hun een brief sturen om hen aan te sporen om elke poes onmiddellijk – als de nieuwe databank in werking treedt – te registreren om geen levensduur van 15 jaar te hebben tegen dat de nieuwe databank optimaal is.

Voor mij is een databank die niet gelinkt is aan een registratienummer van een persoon of organisatie altijd een halve oplossing geweest. Dan doel ik vooral op de hondendatabank. Ik heb daarnet gehoord dat u dat voor de honden ook zou willen doen, waarvoor mijn zeer grote dank. Ik hoop dat u dat ook snel kunt realiseren.

De voorzitterDe heer Dochy heeft het woord.

Bart Dochy (CD&V)Minister, het is misschien een detail, maar het kan van veel mensen een inspanning vergen die misschien toch wel overbodig is. Als iemand zijn kat verkoopt of weggeeft, moet dat worden geregistreerd. Dat lijkt me vrij logisch, want er is dan een nieuwe eID gekoppeld aan de kat.

Maar als iemand verhuist, dan blijft in principe die kat verbonden aan diezelfde eigenaar en eID. Is in dat geval ook een nieuwe registratie noodzakelijk? Normaal wordt, denk ik, het toch op het rijksregister van de eigenaar geregistreerd. De eigenaar verandert van adres en wordt ingeschreven in een andere gemeente. Het is een detail. Ik heb van u begrepen dat er een nieuwe registratie moet komen als de eigenaar verhuist. Dat is eenvoudig te voorkomen door de koppeling aan het rijksregisternummer van de eigenaar, dus als men dat rijksregisternummer als referentie behoudt. U moet nu niet antwoorden, dat is een zeer technisch detail.

De voorzitterDe heer Caron heeft het woord.

Bart Caron (Groen)Ik heb indertijd ook vragen gesteld over puppy’s en u haalt nu een databank rond honden aan. Komen daar ook – een beperkt aantal – gegevens in omtrent de afstamming? Daarmee zou men de problematiek van de afkomst en de internationale handel in puppy’s efficiënt kunnen aanpakken.

Minister, het moet me van het hart, mijn katten zijn niet geregistreerd, ik zal eerlijk zijn. Ze zijn wel gesteriliseerd. Is dat ook goed? Ik ken daar niks van. Ik zit hier met verbazing te luisteren naar de uitleg, want die lijkt me heel deskundig.

De vragen zijn zeer terecht, want het is een absurde situatie, het verhaal over die databank is absurd. Het is ongelooflijk.

De voorzitterMinister Weyts heeft het woord.

Minister Ben WeytsMijnheer Caron, hebt u nog persoonlijke problemen thuis die wij kunnen oplossen? (Gelach)

Ik kan natuurlijk niet verhinderen dat particulieren een databank hebben opgericht en ik kan die ook niet afschaffen. Dan zou misschien wel een volkswoede ontstaan, dan zou iedereen met een kat de facto verplicht worden om een alternatief te gaan zoeken.

Ik denk dat het nuttig is om een informatiecampagne te voeren naar de dierenartsen zodra de databank op punt staat. Vooralsnog durf ik dat niet te doen – wie weet wat komt er nog van de Privacycommissie. Als dat rond is, zal ik dat zeker wel doen.

We vragen het wanneer iemand verhuist en zijn kat heeft laten registreren bij zo’n officieuze databank. In dat geval moeten de gegevens worden aangepast. Dat is het moment om in te stappen in het nieuwe systeem, in de officiële databank met de eID. Dan doet men een goede zaak, niet alleen voor de fraudegevoeligheid, maar ook met betrekking tot de kwaliteit van de gegevens. Dat vermindert het risico op het niet terugvinden. Dat in ogenschouw genomen, lijkt me dan maar een kleintje.

Ik dacht eerst aan een automatische aanpassing omdat we werken via de eID, maar dat gebeurt via een webinterface. Ook dat is dan in het nieuwe systeem veel eenvoudiger in plaats van een papieren aanpassing en wijziging van de gegevens.

Stockholm syndroom bij katten…

Er zijn nogal wat “zelfverklaarde gedragstherapeuten” die menen te moeten stellen dat katten leiden aan het Stockholmsyndroom. Het Stockholmsyndroom is een “door mensen onderzocht en in mensen context geplaatst fenomeen waarbij gegijzelden sympathie krijgen voor hun gijzelaars uit zelfbehoud, zeg maar overlevingsdrang.

De vraag is klopt dit bij katten wel. En om direct alle onrust weg te nemen zeggen wij “neen”. Het is de zoveelste onzin die men verkondigd omdat men vaak het gedrag van honden vergelijkt met dat van katten. Als katten adviseurs zijn wij totaal tegen gedragstherapeuten die zich tot meerdere diersoorten richten dan katten. Ze gaan ervan uit dat een hond als roedeldier enkel en alleen onvoorwaardelijke liefde kan geven aan zijn alfa meester, maar dat op zich is, in hun context, al een Stockholmsyndroom, want het dier doet dat ook uit overlevingsdrang…Stockholmcat

De achterliggende gedachte komt ook vaak voort uit het feit dat “extreme dierenvrienden” denken dat alle katten moeten vrij in de natuur leven en ook daar hebben wij andere bedenkingen over, net of mensen nog vrij leven in bossen, in de vrije natuur, zonder structuur en zonder regels?

Maar katten zijn toch solitaire wezens zegt men? Zeker, katten kunnen perfect alleen overleven in de vrije natuur, wat niet wil zeggen dat ze altijd alleen willen leven, maar indien nodig kunnen ze terugvallen op al hun vaardigheden en door de natuur geschonken instrumenten, die veel accurater zijn dan bij mensen. Maar katten kunnen ook perfect in groep leven, echter hun vertrouwen naar andere groepen is heel klein en dat heeft te maken met het feit dat ze in de natuur zowel prooidier als predator zijn.

Zijn katten nu allemaal lief tegen hun eigenaren (?) omdat ze leiden aan het Stockholmsyndroom?

Dan kan men even simplistisch stellen dat katten kunnen jaloers zijn… De meeste gedragstherapeuten zijn het er al lang over eens dat jaloezie een menselijke term is wat men niet kan doortrekken naar katten, katten willen gewoon iets bekomen uit opportunisme, dat is geen jaloezie. Dus katten die lief zijn naar hun eigenaar toe, doen dat omdat ze perfect weten dat het hen iets op kan leveren en dat geeft niks met Stockholm te maken, ver van. Die dieren zijn daar ook niet ongelukkig over, ze kunnen perfect in een bijna onderlinge stressloze situatie leven met hun huisgenoten, hoewel…

Stress bij katten is zeer complex! Hierover praten kan ons heel ver leiden en heeft weer alles te maken met het feit dat katten territoriale jagers én ook prooien zijn van oorsprong. Echter de huiskat heeft lang geleden, uit opportunisme voor zichzelf uitgemaakt dat zijn leven veel eenvoudiger en langer kan verlopen in de buurt van mensen, net zoals wij ook kiezen voor opportuniteiten die we nu vandaag de dag voor handen hebben en niet meer in bossen of spelonken wonen…

Om stress bij katten te optimaliseren is het wel nodig dat eigenaars kennis van katten hebben (en hun NOOIT VERGELIJKEN MET HONDEN).

Een safe-place , enrichment, het zijn maar een paar sleutels op de weg naar een perfecte harmonieuze samenleving met katten. Maar eigenaars schuldgevoelens opzadelen alsof alle katten aan “het Stockholmsyndroom” zouden leiden, daar doen wij als organisatie, de link tussen mens & kat, niet mee. Het is het zoveelste cowboy verhaal waar niks van bewezen is wetenschappelijk. En zelfs met wetenschappelijke opzet van onderzoeken ivm katten moet men steeds heel genuanceerd te werk gaan. Onze blik op katten is immers totaal verwrongen omdat wij ook roedeldieren zijn, net als honden trouwens en ons zelden kunnen inleven in katachtigen en hun beleving van de feiten. – Raf Van Duyse katman & oprichter van Kattenadvies iVZW – Kattengedragstherapeut. – Voor alle vragen over uw kat info@kattenadvies.be

Gewonde kat en de eigenaar is niet gekend?

Wie betaalt de verzorging, wie beslist over al/niet euthanasie? De politie vindt een dode kat langs de weg, van wie is ze?

Vroeger deden mensen hun kat een bandje om, om te laten zien dat de kat een eigenaar had. Vaak werd aan dat bandje ook een medaille vastgemaakt of een plaatje met de naam van de eigenaar erop. Echter, de wat aktievere katten slaagden er regelmatig in om zich uit het bandje te wurmen, het naamplaatje te verliezen of nog erger te blijven hangen met bandje en al

Een microchip?

Een chip is een klein stukje metaal ter grootte van een rijstekorrel. Op deze chip staat een nummer geprogrammeerd. Dat nummer kan iedereen aflezen die een chiplezer heeft. Meestal is dat de dierenarts, de politie en het asiel of de kattenopvang. Het nummer van de chip wordt gelinkt aan uw kat via een formulier. Dit formulier wordt naar Brussel gestuurd, waarna het nummer van uw kat, zijn naam en uw gegevens in een databank terechtkomen. Als uw kat later verloren raakt, komt via het nummer op de site van id-chips, de naam en gegevens van de eigenaar te voorschijn.

De chip wordt ingebracht onder de huid met een naald, meestal tussen de schouderbladen. Dit duurt slechts een minuut en is eigenlijk zo goed als pijnloos. Omdat de chip los onder de huid zit, kunt u hem soms voelen. Het kan gebeuren dat de chip zich iets verplaatst tijdens het leven van de kat.

Wanneer is mijn kitten oud genoeg om een chip te plaatsen?

In principe kan een chip op elke leeftijd geplaatst worden. Het is echter verplicht om een chip te laten plaatsen voor verkoop of weggeven van het kitten. In de praktijk betekent dit dat veel kittens al gechipt zijn voor ze verhuizen naar de nieuwe eigenaar. Mocht uw kitten nog niet gechipt zijn, laat dat dan zo snel mogelijk in orde maken. Meestal gebeurt dat in combinatie met de eerste vaccinatie (leeftijd 9 weken).

Kan ik door de chip mijn kat laten volgen via een GPS-systeem?

Nee, dat kan niet. Er bestaan wel een soort zendertjes op de markt waardoor u uw kat kunt volgen via uw telefoon. Maar de zendertjes zijn nog steeds vrij groot en zwaar om aan een halsband van een kat te bevestigen. Bovendien moet er vaak een nieuw batterijtje in, wat ook niet zo handig is.

 

Waar moet ik verder nog op letten?

Zorg dat uw adresgegevens en telefoonnummer correct zijn in de databank. Als ze veranderen, kunt u de databank contacteren en de wijzigingen doorgeven.

Het is dus zeker zinvol om een kat te laten chippen. Als uw kat niet meer thuiskomt is, wilt u weten of ze rondzwerft of dat ze dood is. Als uw kat een chip heeft, kan men u tenminste verwittigen.

Opleidingen kattengedrags therapeut

Opleidingen kattengedragstherapeut een lucratieve business zonder enige wettelijke Worldcatnonprofiterkenning. Wij van kattenadvies iVZW vinden het onze plicht te informeren over deze trend om en rond katten. We werken nooit commercieel en zijn dus neutraal in onze mening.

Er zijn momenteel twee belangrijke spelers op de markt die we kort onder de loep nemen. De eerste is Tinley academie. Hoewel Tinley destijds als opleiding werd gekozen door onze oprichter en men zou kunnen vermoeden dat wij partijdig zijn is dit absoluut niet het geval.

De tweede “onderwijs instelling voor katten” zullen we ze maar noemen, is KGA, van Marcellina Stolting. Destijds zou zij volgens bronnen waar we niet 100% zeker van zijn, zij ooit niet geslaagd zijn bij Tinley? Wel is zij er in geslaagd een vrij lucratief netwerk op te zetten, waar, ja zelfs Belgen, bij betrokken zijn en daar blinkt ze dan uit ten opzichte van Tinley, wat nog steeds een Nederlands clubje is.

Uiteraard zijn er opleidingen die zeer professioneel worden aangepakt in de Angelsaksische landen, waar ze al jaren ervaring en dus voorsprong hebben. De opleidingen zijn bij de twee spelers verschillend in die zin: de éne werkt met modules waar diverse lesdagen voorzien zijn en de ander werkt gewoon per lesdag. Die lesdagen bij KGA zorgen wel voor een flexibele aanpak waar de “docenten” eenvoudig kunnen worden gewijzigd, daar waar men bij Tinley met vaste docenten werkt sinds jaren.

Misschien toch even vermelden dat in België er een “officiële opleiding ” bestaat Toegepast dierengedrag, waar men het uiteraard ook over katten heeft (Sint-Niklaas). Persoonlijk vinden wij dat katten een eigen opleiding waardig zijn en onmogelijk over één hoop kunnen worden gegooid met andere diersoorten. Met respect voor andere dieren, maar wij zijn 100% kat-minded.

We gaan even dieper in op de verschillen bij beide “scholen voor katten”. Toch nog even aanhalen dat beiden geen erkende diploma’s kunnen geven en een goede gedragstherapeut er één is die u persoonlijk helpt wanneer nodig, vaak is ervaring een belangrijke parameter, maar ook de manier waarop men tewerk gaat en uiteraard uw portemonnee…

TINLEY


(www.tinley.nl)

 

6 modules  (28 lesdagen)

+ enkele examendagen

PRIJS: ongeveer 4000 euro en bij contante betaling kan hier wel zo’n 10% af.

 

 

De prijzen van Tinley zijn op hun website vrij overzichtelijk te raadplegen. Debbie Rijnders heeft, in bijna 20 jaar, een stevige reputatie opgebouwd in dierengedrag. Helaas beperkt ze zich nog uitsluitend tot de Nederlandse markt.

 

KGA

(https://www.facebook.com/notes/kattengedragsadviesbureau/opleiding-kga-kattengedragsadviseur)

30 lesdagen
Examendagen

(Niet altijd heel duidelijk)

 

 

PRIJS: 7000 euro (onduidelijk i.v.m mogelijke kortingen)

De lessen bij KGA zijn een kluwen van Facebook pagina’s en aan de hand van events worden de lesdagen ‘verkocht’. Persoonlijk vinden we de aanpak heel onoverzichtelijk.

Positief hier is de poging ook in België ‘voet aan wal te krijgen’

Onze conclusie:

Als we het opleidingsniveau en de prijs moeten vergelijken zouden we eerder opteren voor Tinley, met de bedenking dat ook hier de prijzen (ongeveer 150 euro/lesdag) te duur zijn. Bij KGA kost een lesdag ongeveer 250 euro/dag en dit is veel. Wanneer je de Engelse taal machtig bent zijn er betere opties, je kan zelfs online studeren.

Wij van Kattenadvies iVZW zien intussen ook al een nieuwe trend in ons land waarbij cursusaanbieders Zoals CVO en Syntra, in die richting evolueren aan prijzen die veel toegankelijker zijn voor iedereen. Over de kwaliteit kunnen we blijven redetwisten omdat sommige ten onrechte denken dat bv. biologen, psychologen of zelfs dierenartsen meer weten van kattengedrag maar ook dat is met een serieuze korrel zout te nemen. Echte specialisten van (huis)kattengedrag zijn een zeldzaam gegeven.

We zijn als Internationale Worldcatnonprofit.org uiteraard heel tevreden met de groeiende aandacht voor ons persoonlijk superwezen, de kat! En blijven ons inzetten op vrijwillige en niet commerciële basis u verder te helpen bij al uw vragen over uw kat(ten). Het enige wat we van u vragen is lid te willen worden van onze groeiende community met als enige doel, een betere relatie tussen men & kat wereldwijd. We helpen waar nodig is projecten wereldwijd met uw bijdrage van 5 euro per maand.

 

 

 

Kattenadvies iVZW wil mensen wereldwijd informeren over:

  • De nadruk moet liggen op het welzijn van katten zelf. Menselijke belangen mogen niet als hoofdreden aangehaald worden.
  • Mensen die hun kat laten voortplanten en de kittens een goed leven bezorgen, stellen normaalgezien een goede daad. Bij overpopulatie vinden asielkatten hierdoor echter geen thuis. Het is voor hen dat mensen hun kat moeten steriliseren, niet voor de gesteriliseerde kat zelf. Het adopteren van asielkatten moet aangemoedigd worden.
  • Niet alleen het materiële comfort, maar ook het psychisch welzijn van katten is belangrijk. Een kerngezonde huiskat kan een laag welzijn hebben als er onvoldoende wordt ingespeeld op haar natuurlijke noden als solitaire jager.
  • Momenteel leeft het idee dat zwerfkatten een waardeloos leven leiden, maar met voldoende voedsel en beschutting kunnen katten die als zwerfkat opgroeiden wel een hoog welzijn hebben. We moeten ze aanvaarden in onze menselijke omgevingen.
  • De term ‘euthanasie’ mag niet worden gebruikt voor het doden van katten in asielen. Foutief woordgebruik kan ertoe leiden dat het doden als minder erg wordt beschouwd.
  • Baasjes moeten hun verantwoordelijkheden nakomen en instaan voor het welzijn van katten. Katten en andere dieren mogen niet als gebruiksvoorwerpen of eigendom worden gezien. Het zijn voelende wezens, met rechten en belangen.

    IMG_7024

Wonen aan de straatkant met uw kat(ten)…

Maar al te vaak stellen we vast dat katten door wagens overreden worden op (drukke) wegen… Mensen denken ook dat katten het gevaar wel zien en horen en dat klopt ook meestal wel. We zeggen duidelijk “MEESTAL” want dat is helaas niet altijd het geval.

Een belangrijk deel van onze katten zijn jagers en er zijn er ook die helemaal niet jagen hoor, vaak een combinatie van genetica en opvoeding van de moeder. Voor eigenaars die een kat hebben die ‘nogal’ graag jaagt is er een extra aandachtspunt wanneer ze aan een drukke straat wonen. De motivatie is bij katten het verschil tussen soms “leven en dood”. Katten kunnen minutenlang geconcentreerd, gefocust zitten of liggen op de uitkijk van een prooi, die prooi hoeft echt geen olifant te zijn hoor, een klein insect kan al de gegadigde zijn… Nu wanneer ze in dergelijke toestand liggen zijn ze vaak heel kwetsbaar. Ze slagen er op dat moment in alle lichaams- en hersenfuncties bijna 100% af te stemmen op het vangen van die prooi. Dat wil ook zeggen dat hun aandacht voor externe factoren uiterst miniem is. Stelt u het zich even voor alsof u net een belangrijk schriftelijk examen aan het afleggen zijt of waart vroeger of nu op de school…

Hunting_cat
Kat op de uitkijk

Een beweging van die prooi of een kleine wijziging van de toestand is vaak al voldoende dat uw kat onbezonnen over de weg raast… soms de dood tegemoet… Het hoeft dus niet altijd de schuld te zijn van een “laagvlieger op 4 wielen” hoor, meestal is het gewoon een samenloop van omstandigheden zoals bij elk ongeval.

De vraag die zich opdringt: wat kunnen we daaraan doen?

Wel hier kunnen we kort zijn: zorg dat uw kat(ten) zeker geen vrije toegang hebben tot die straat. En dat hoeft echt niet zo een dure ingreep te zijn hoor. Tegenwoordig kan je in veel tuincenters terecht om van dat gaas, er is zelfs gaas wat je vanop kleine afstand al niet meer opmerkt in het landschap, dus het hoeft uw mooi zicht niet te hinderen. Let wel: een gezonde kat kan tot zeven keer haar hoogte springen…

Fence
Cat fence

Wilt u echt advies aan huis voor uw tuin dan komen wij bij onze leden gratis aan huis hoor, uiteraard wel even rekening houden met onze verplaatsing, meer info hier trouwens. Een kat die onder een auto sterft daar hebben we echt pijn van, daarvoor zijn we er, om u en uw kat lang veilig te laten genieten van elkaar.
Wij zijn de enige LINK TUSSEN MENS & KAT. (Worldcatnonprofit.org)

 

 

Waarom wij katten niet dankbaar genoeg kunnen zijn…

De pest, ook bekend als de zwarte dood, een ziekte veroorzaakt door de bacterie Yersinia pestis. 

 

Ze komt het lichaam in via de huid en gaat via het lymfesysteem. De bacteriën leven in het spijsverteringskanaal van vlooien. De vlooien natuurlijk, leven van bloed van de gastheer, en wanneer de vlooien het bloed slikken, dan wordt deze besmet met de bacterie. De bacteriën vermenigvuldigen zich massaal, ze gaan darmverstopping vormen, verhongeren de parasiet omdat voedingsstoffen niet kunnen worden geabsorbeerd. De vlo braakt in een poging om de blokkade te wissen, en omdat de vlo hongerig is, voedt ze zich gulzig. Wanneer de besmette vlo het zieke bloed braakt in een beetplaats op een gast dier of mens, wordt de gastheer geïnfecteerd met zwarte pest.

De ziekte was ooit zeer verwoestend en de daaruit voortvloeiende dood was verschrikkelijk. Er waren eigenlijk drie vormen van de zwarte pest – de builenpest en de longpest en de bloedpest (vergiftiging).  Slachtoffers van de builenpest leden aan pijnlijk gezwollen lymfeklieren in de hals en de oksels. Ze werden ook geplaagd met hoge koorts, braken, bonzende hoofdpijn, en gangreen. Sommigen waren zo zwak dat ze nauwelijks de energie had om te slikken.
De longpest was nog straffer. Als het lichaam probeerde om te vechten tegen de ziekte, werden grote hoeveelheden slijm geproduceerd. De slachtoffers moesten voortdurend slijm ophoesten in een poging om te ademen en meer dan vijfennegentig procent van de patiënten verdronken in eigen lichaam vloeistoffen. De longpest was een via de lucht verspreidde bacterie door het hoesten van geïnfecteerde individuen.
Bloedpest had een sterftecijfer van honderd procent. Bij dit type van de pest leden de slachtoffers aan hoge koorts en paarse vlekken op de huid. Dit is de dodelijkste vorm en was ook de meest zeldzame.

Vanaf het midden van de jaren 1300 tot de jaren 1700, terroriseerde de zwarte pest een groot deel van Europa en delen van Azië. De meeste historici geloven dat de pest voor het eerst naar Europa kwam aan boord van schepen uit Azië. De meest waarschijnlijke boosdoener waren de zwarte ratten die leefden onder de scheepsruimen met etensresten. Deze waren de kleinere familieleden van de bruine ratten.
De eerste uitbraak van de pest, in de veertiende eeuw in Europa was heftigste. In feite is een groot deel van de bevolking van Engeland en Frankrijk gestorven toen. In sommige delen van Engeland was er een dodental boven de 50%. In delen van Frankrijk leed men zelfs een verbazingwekkend verlies van boven de negentig procent van de bevolking.

Vandaag gaan velen ervan uit dat er slechts één uitbraak van de zwarte pest was, maar er waren eigenlijk meerdere. In feite is het raasde de pest door Europa ongeveer eens per generatie tot het begin van de achttiende eeuw. Een van de laatste grote uitbraken in Engeland met “de Grote Plaag van Londen”, heeft in 1665-1666 plaatsgevonden.
Interessant is dat het lot van de mensheid wonderlijk kan gekoppeld worden aan die van de gewone huiskat. Als de katten bevolking steeg, daalde de pandemie en als de katten bevolking kelderde, maakte de zwarte pest een heropleving. Waarom?

Vergeet niet dat de pest werd verspreid door vlooien die op ratten leefden. Een vicieuze cyclus hield de ziekte gaande. Geïnfecteerde vlooien die ratten beten en het knaagdier besmetten. Andere vlooien bijten besmette ratten en besmetten zichzelf. Zodra de gastheer “rat” stierf aan de pest, leefden de dakloze vlooien verder door op zoek gaan naar een nieuwe gastheer. Helaas gingen ze dan vaak op zoek naar een mens. Wanneer de zieke besmette vlooien mensen beten om zich te voeden was de mens besmet. Dus waarom zouden de Europeanen niet gewoon veel katten houden om de ratten te doden en aldus het aantal gevallen van de pest te verminderen?  Ze werden oorspronkelijk naar Europa gebracht door de Romeinen, die de katachtigen in Egypte had ontdekt. Toen het houden van huiskatten als muizenvangers populair in Europa werd, kwam net de eerste plaag. Katten werden voorheen geassocieerd met duivels en heksen …

 

Om volledig die vraag te beantwoorden, moet je het geloofssysteem van het middeleeuwse Europa begrijpen. Op basis van historische opzoekingen en bestuderen van middeleeuwse kunst, zag men dat mensen in deze periode vatbaar waren voor heel wat bijgeloof. De katholieke kerk was de machtigste entiteit in Europa en was vast overtuigd van het kwaad uit te roeien, onder welke vorm ook. Katten, door hun mysterieuze aard en hun vermogen om in buitengewone omstandigheden te overleven, werden door de algemene bevolking gevreesd en als consorten van Satan aanschouwd. De onschuldige katten werden met duizenden gedood in naam van het geloof. Nu nog zijn er “dwazen” die zwarte katten vrezen trouwens… (De jaarlijkse kattenworp in Ieper is hier stille getuige van)

De katten kregen uiteindelijk hun wraak! Omdat er weinig katten overbleven en de plaag dus nog groeide zelfs nog meer wijdverbreid. Je zou dan denken dat de mens de verbinding met dit punt zou maken, maar in plaats daarvan maakten ze nog erger. Ze begonnen om met nieuwe kracht de pest te associëren met de katten en zelfs met honden. Ze geloofden dat, aangezien beide van deze dieren meestal veel vlooien hadden, ze de oorzaak van de pest waren… Vervolgens werden katten verboden in veel delen van Europa, en grote aantallen katten en honden werden opnieuw gedood. In feite, op een punt in de middeleeuwen waren er nauwelijks nog katten en in Engeland zelfs bijna totaal uitgeroeid.
Hoewel Katten bezit illegaal was in sommige regio’s, waren er een paar mensen die hielden van hun katten. 

 

Andere mensen zagen uiteindelijk dat deze katteneigenaren vaak immuun leken voor de zwarte plaag. Het woord verspreidde zich snel, en nog veel meer waarnemingen van dit fenomeen werden opgemerkt. Dit resulteerde in onderzoek eigenaardig genoeg als het was in die tijd…

Uiteindelijk zag men in dat niet de katten maar dat de ratten verantwoordelijk waren voor de verspreiding van de zwarte pest. Dan natuurlijk wou iedereen een kat of twee bezitten. En omdat katten vruchtbare kwekers zijn, duurde het niet lang voor aan de vraag kon worden voldaan. De wetten die voor de katten doodvonnis betekenden werden ingetrokken. In veel regio’s was er al snel een nieuwe wet voor in de plaats – Een wet die katten zou beschermden in plaats van ze uit te roeien en zo voorkwam men het uitsterven van een hele bevolking in Europa.

ALS KATTEN ORGANISATIE MENEN WIJ DAN OOK DAT DE MENSHEID VEEL MEER DANKBAARHEID ZOU MOGEN BETUIGEN TEGENOVER DAT KLEINE WEZEN WAT NAAST ONS LEEFT!!!

Leer uw kinderen vroeg omgaan met katten…

Dit is een wel heel lief boekje met aandoenlijke illustraties over 2 katten. Een zeer mooi project met een uniek uitgangspunt door het feit dat de katten uit het boek echt bestaan hebben.

“Van in het begin was het een doel op zich om het boek te verbinden aan een goed doel. Ik heb altijd gezegd: als ik met het boekje daarmee iets kan realiseren, en ik kan ervoor zorgen dat nog meer katten geholpen worden en een thuis vinden… dat ik het dan zeker niet zou nalaten.” De boodschap van het prentenboek is dat zoveel mogelijk dieren een warm thuis/een warme thuis vinden. Het project is een samenwerking tussen België en Nederland. De illustrator, vormgever en coördinator van het drukwerk zijn van Nederlandse afkomst. Een internationaal project waarmee wordt nagegaan of het publiek ervoor openstaat. 

 

Het is geschreven met een persoonlijk tintje van katten liefhebster Nathalie Maes, waarbij haar eigen katten de hoofdrol spelen en Kattenadvies iVZW zou het geweldig vinden als door het boek nog veel meer katten een warme thuis gaan vinden maar vind ook de opvoedkundige waarde belangrijk in deze…

 

Nathalie schenkt per verkocht boekje een donatie aan een goed doel (wel niet aan Kattenadvies iVZW) maar aangezien haar doel nobel is steunen we haar.U kan het boek aankopen door een mail te sturen naar nathalie.maes@edpnet.be met als onderwerp: Kat zoekt thuis. Het prentenboek kost 9,99 euro + 1,99 euro verzendingskosten. 

We herinneren u aan dat Kattenadvies iVZW wereldwijd projecten ondersteunt dankzij uw bijdrage(n) – Samen ijveren we voor een betere leefwereld van alle katten.

 

Zijn we ook ‘dom’ om de intelligentie van dieren begrijpen?

De Nederlandse bioloog Frans de Wael schreef al vele boeken en is één van de meest geronommeerde wetenschappers ter wereld gespecialiseerd in Ethologie en Primatologie. In een recent gesprek, wat hij zelden doet, horen we hem aan het woord.
Kunnen dieren wel zaken onthouden in tijd … Meer en meer lijkt het erop dat de wetenschap jarenlang verkeerd dacht …
Echt eens de moeite om een boek te lezen van iemand die weet waarover hij praat.